Onderzoeken microbioom en kanker

Het microbioom heeft de laatste vijf jaar steeds meer aandacht gekregen van de wetenschap. Uit verschillende recente onderzoeken blijkt dat darmbacteriën van invloed kunnen zijn op het voorkomen en behandelen van kanker. 

Darmen als kankerbestrijder

In het tijdschrift Medisch Dossier, augustus 2021, worden de darmen omschreven als kankerbestrijder. Volgens het artikel, gebaseerd op een studie gepubliceerd in Science, kan een poeptransplantatie beschadigde darmen een oppepper geven en kankerpatiënten helpen een vergevorderd stadium van hun ziekte te overwinnen. 

Door een poeptransplantatie wordt het microbioom in de darmen voorzien van goede bacteriën. Hierdoor reageren kankerpatiënten beter op immunotherapie, een kankerbehandeling waarbij gebruik wordt gemaakt van de genezende kracht van het immuunsysteem. De reden waarom deze patiënten beter reageerden op immunotherapie na de poeptransplantatie, is waarschijnlijk omdat hun darmen grotere hoeveelheden bacteriën bevatten die de zogenaamde killer-T-cellen van het immuunsysteem activeren.

De studie werd uitgevoerd door onderzoekers van het Amerikaanse National Cancer Institute. Van de 15 patiënten reageerden er 6 goed op de poeptransplantatie, en werden daarna succesvol behandeld met immunotherapie. 

Microben en dikke darmkanker

In 2020 werd in het wetenschappelijke tijdschrift Nature Cancer gepubliceerd over de cruciale rol van darmmicroben bij darmkanker. Een onderzoek van het VIB-UGent Centrum voor Inflammatieonderzoek en de Universiteit Gent wijst uit dat het manipuleren van het immuunsysteem of het verwijderen van de darmbacteriën de ontwikkeling van kanker kan voorkomen. Het onderzoeksteam identificeerde het eiwit Zeb2 als mogelijke oorzaak van darmkanker. Dit eiwit beïnvloedt de darmbarrière waardoor darmbacteriën het weefsel kunnen binnendringen en daar ontstekingen kunnen veroorzaken. Dit kan uiteindelijk leiden tot het ontstaan van kwaadaardige darmtumoren. Tijdens het onderzoek werden bij zogenaamde Zeb2-muizen alle darmmicroben verwijderd, met als resultaat dat de dieren geen dikke darmkanker ontwikkelden. De onderzoeksresultaten suggereren dat het manipuleren van het microbioom een strategie kan zijn voor het ontwikkelen van nieuwe behandelingsopties voor darmkanker. 

Microbioom in borstweefsel

Er zijn nog veel vragen onbeantwoord over de relatie tussen het microbioom en kanker. Vooral als het gaat over de rol van het microbioom in borstweefsel en het ontstaan van borstkanker. In juli 2021 maakte de openbare universiteit in de Amerikaanse staat New York, University at Buffalo, bekend hiernaar een onderzoek te starten.

Volgens professor PhD Jo L. Freudenheim die meewerkt aan de studie, is het steeds duidelijker geworden dat ons microbioom een belangrijke rol speelt bij gezondheid en ziekte. Zo zou het microbioom volgens haar verband houden met minstens 15 tot 20 procent van alle soorten kanker. Ook vertelt ze dat er een relatief nieuw begrip is dat borstweefsel niet steriel is, maar dat er bacteriën in leven, zowel bij gezonde vrouwen als bij mensen met borstkanker. Ze voegt hieraan toe dat het microbioom in borstweefsel van vrouwen met borstkanker verschilt met dat van vrouwen zonder borstkanker.

De studie moet uitwijzen of bacteriën in borstweefsel kunnen bijdragen aan het ontstaan van borstkanker en of er verschillen zijn afhankelijk van andere kenmerken van de vrouwen die meedoen aan het onderzoek. 

Volgens Freudenheim is er veel wat we nog niet weten van het borstmicrobioom. 

Antibiotica en kanker

Hoewel antibiotica ernstige bacteriële infecties kunnen behandelen en daarmee levens kunnen redden, waarschuwde arts-bacterioloog en uitvinder van penicilline Alexander Fleming tijdens zijn Nobelprijstoespraak in 1943 al voor het risico van antibioticaresistentie. Pas recent werd wetenschappelijk ingezien wat de impact is van antibioticagebruik op de herkolonisatie en de veranderingen in de samenstelling van darmbacteriën en de afname van diversiteit. 

Kankerpatiënten die worden behandeld met antibiotica, laten al jaren een slechte behandelings￾reactie zien wanneer zij immunotherapie ondergaan. Toch moet er nog meer onderzocht en duidelijk worden om klinische behandelingen aan te passen. Een onderzoek van Almeida et al. uit 2020, gepubliceerd in Britisch Journal of Cancer, zet het gebruik van antibiotica door kankerpatiënten echter in nieuw licht. Volgens de studie kan een darmontsteking bij kankerpatiënten de tumor bestrijdende effecten versterken. Het gunstige effect van een ontsteking op kanker wordt tenietgedaan wanneer die wordt behandeld met antibiotica. Dit zou kunnen betekenen dat klinisch antibioticagebruik bij darmontsteking heroverwogen moet worden, dat ontstekingstoestanden nog beter begrepen moeten worden alvorens als een automatisme alle vormen van ontsteking te bestrijden.